NEN 1010 uitgelegd voor woning- en bedrijfseigenaren
In een offerte voor een nieuwe groepenkast of een verbouwing staat het vaak: de installatie wordt aangelegd volgens NEN 1010. Maar wat zegt dat eigenlijk, en moet uw huidige installatie daar ook aan voldoen?
Kort antwoord
NEN 1010 is de Nederlandse norm voor het ontwerpen en aanleggen van elektrische installaties op laagspanning, zoals in een woning of bedrijfspand. De actuele uitgave is NEN 1010:2020+C1:2024 (stand 12 oktober 2026). De norm geldt voor nieuwe installaties, uitbreidingen en wijzigingen, en voor de delen van de bestaande installatie die daardoor worden geraakt. Een installatie die u niet aanpast, hoeft niet vanzelf aan de nieuwste uitgave te voldoen.
Op deze pagina (8)
Wat is NEN 1010?
NEN 1010 is de Nederlandse norm voor elektrische installaties op laagspanning. Dat is de spanning waarop de gewone installatie van een woning, kantoor, winkel of werkplaats werkt, met 230 volt per fase. Het gaat om alles wat achter de meter zit: de groepenkast, de leidingen in muren en plafonds, de stopcontacten, schakelaars en lichtpunten, en de aansluitingen van vaste apparaten.
Een norm is een document met afspraken over hoe iets goed en veilig wordt gedaan. Deskundigen uit de praktijk stellen zo'n norm samen op in een commissie van NEN, het Nederlandse normalisatie-instituut. NEN 1010 is de Nederlandse invulling van de HD-IEC 60364-reeks, een internationale reeks normen voor laagspanningsinstallaties.
De norm geldt voor woningen, voor utiliteitsgebouwen zoals kantoren, scholen en winkels, en voor de industrie. Hij beschrijft hoe een installatie wordt ontworpen en aangelegd, en hoe die wordt gecontroleerd voordat hij in gebruik gaat.
NEN 1010 is een betaald document in het Nederlands. Daarom citeren we hier geen normtekst. Dit artikel legt in eigen woorden uit wat de norm regelt en wat dat voor u betekent.
Welke uitgave van NEN 1010 geldt nu?
De actuele uitgave is NEN 1010:2020+C1:2024. NEN publiceerde die op 1 juli 2024, en ze vervangt NEN 1010:2020. Nieuwe installaties, uitbreidingen en wijzigingen worden ontworpen en aangelegd volgens deze uitgave (stand 12 oktober 2026).
De aanduiding leest u zo. NEN 1010:2020 is de basisuitgave. De toevoeging +C1:2024 betekent dat er in 2024 een correctieblad bij is gekomen, C1. In deze uitgave is die correctie in de tekst zelf verwerkt en gemarkeerd.
Wat C1 volgens NEN veranderde
- De eisen voor brandveiligheid sluiten beter aan op het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), de landelijke regels voor bouwwerken.
- Roze is de kleur voor functionele aardgeleiders. Dat zijn aardgeleiders voor de goede werking van apparatuur. Ze zijn iets anders dan de beschermingsleiding, die u tegen een schok beschermt.
- Er zijn aderkleuren vastgelegd voor installaties op gelijkstroom (DC), zoals die bij zonnestroom en batterijen voorkomen.
Norm en praktijkrichtlijn
Naast de norm bestaat NPR 5310:2024. Een NPR is een Nederlandse praktijkrichtlijn: een toelichting voor de vakman bij het toepassen van de norm in de praktijk. Een praktijkrichtlijn is zelf geen norm en ook geen wet.
Waar de norm over gaat
NEN 1010 gaat niet over één onderdeel, maar over de hele installatie: van de uitgangspunten tot de keuze van materiaal en de controle na aanleg. In huis of in het pand ziet u vooral het resultaat. De tabel laat zien om welke onderwerpen het gaat en waar u ze tegenkomt.
De onderwerpen in één overzicht
| Onderwerp | Waar het om gaat | Waar u het tegenkomt |
|---|---|---|
| Bescherming tegen een schok | Voorkomen dat iemand een schok krijgt, ook als er iets defect raakt | Aardlekbeveiliging in de groepenkast, aarding en stopcontacten met randaarde |
| Bescherming tegen te veel stroom | Voorkomen dat leidingen te warm worden bij overbelasting of kortsluiting | Een automaat per groep, afgestemd op de leiding van die groep |
| Brand en warmte | Voorkomen dat warmte uit de installatie tot brand leidt | Gesloten aansluitdozen en materiaal dat bij warmte veilig blijft |
| Keuze en aanleg van materiaal | Kabels, buizen, dozen en schakelmateriaal die passen bij gebruik, vocht en temperatuur | Ander materiaal in een badkamer of buiten dan in een woonkamer |
| Bijzondere ruimten en installaties | Aanvullende eisen waar meer risico is, zoals bij water of buiten | Badkamer, tuin, laadpunt, zonnestroom |
| Controle na aanleg | Nagaan of alles klopt voordat de installatie in gebruik gaat | De installateur controleert en meet na aanleg of na een wijziging |
Per onderwerp beschrijft de norm eisen en mogelijke oplossingen. Welke oplossing bij uw installatie past, bepaalt de installateur bij het ontwerp.
Wat NEN 1010 niet regelt
- Het beheer van een installatie in gebruik. Hoe een bedrijf een installatie veilig beheert en laat inspecteren, staat in een andere norm, NEN 3140. Verderop leest u hoe die twee samenhangen.
- Het deel van de netbeheerder. De aansluiting op het net en de meter horen bij de netbeheerder, die daar eigen regels voor hanteert.
- De apparaten zelf. Hoe een wasmachine of laadpaal van binnen is gebouwd, valt onder de regels voor producten. NEN 1010 gaat over de installatie waarop ze worden aangesloten.
- Installaties boven laagspanning. Een eigen middenspanningsruimte, zoals bij een groot bedrijf, valt onder andere normen.
Wanneer NEN 1010 voor u geldt
NEN 1010 komt in beeld zodra er iets aan de installatie verandert. Volgens NEN geldt de norm voor nieuwe installaties en voor uitbreidingen en wijzigingen. Dat omvat ook de delen van de bestaande installatie die door zo'n wijziging worden geraakt.
Een voorbeeld. U laat een extra groep aanleggen voor een warmtepomp. De nieuwe groep en de leiding naar de warmtepomp worden aangelegd volgens NEN 1010:2020+C1:2024. De groepenkast waarin de groep komt, wordt door die wijziging mogelijk ook geraakt. Wat precies wordt geraakt, beoordeelt de installateur per situatie.
Vijf situaties naast elkaar
| Situatie | Geldt de actuele uitgave? | Toelichting |
|---|---|---|
| Nieuwbouw van een woning of bedrijfspand | Ja | De hele installatie wordt ontworpen en aangelegd volgens NEN 1010:2020+C1:2024. |
| Verbouwing met nieuwe leidingen of groepen | Ja, voor het nieuwe deel | En voor de delen van de bestaande installatie die door de verbouwing worden geraakt. |
| Groepenkast vervangen of uitbreiden | Ja | Dit is een wijziging van de installatie. |
| Extra groep voor laadpaal, warmtepomp of thuisbatterij | Ja, voor de nieuwe groep | De installateur kijkt ook of de kast en de rest van de installatie de nieuwe groep aankunnen. |
| Bestaande installatie waaraan niets verandert | Nee, niet vanzelf | Een nieuwe uitgave werkt niet terug. In een bedrijfspand wordt de installatie in gebruik beoordeeld via NEN 3140. |
Of iets een wijziging is en welke delen erdoor worden geraakt, beoordeelt de installateur ter plaatse.
Een bestaande installatie verandert niet vanzelf mee
Een installatie die u niet aanpast, hoeft niet vanzelf aan elke nieuwe uitgave van NEN 1010 te voldoen. Een nieuwe uitgave werkt dus niet terug op wat er al ligt.
Ook de bouwregels maken dat onderscheid: voor bestaande gebouwen ligt het wettelijke niveau lager dan voor nieuwbouw. Dat is een ondergrens voor het gebouw. Het zegt niet of een oudere installatie past bij wat u er nu op aansluit, zoals een inductiekookplaat, een warmtepomp of een laadpaal. Die vraag beantwoordt een installateur na een beoordeling ter plaatse.
Is NEN 1010 een wet?
Nee. Een norm is een afspraak tussen deskundigen, geen wet. Een norm krijgt wel wettelijke betekenis als de wet ernaar verwijst, en dat gebeurt bij NEN 1010.
Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) bevat de landelijke regels voor bouwwerken en hoort bij de Omgevingswet. Het Bbl verwijst voor elektrische installaties naar NEN 1010. Volgens het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) van het Rijk moet een laagspanningsinstallatie voldoen aan de veiligheidseisen van NEN 1010 (artikelen 4.199 en 3.106 van het Bbl).
Het gaat de wet dus om veiligheid. Dat ziet u ook terug in een voorstel om de verwijzing per 1 juli 2025 bij te werken. Het deel van de norm over overspanningsbeveiliging, de bescherming tegen spanningspieken, bleef daarin buiten de wettelijke verwijzing. De reden: daarbij gaat het om het beperken van schade, niet om de veiligheid van personen.
Welke uitgave wijst de wet aan?
Welke uitgave van NEN 1010 precies wordt bedoeld, staat in de Omgevingsregeling, een regeling die bij het Bbl hoort. Er lag een voorstel om daarin per 1 juli 2025 naar NEN 1010:2020+C1:2024 te verwijzen. Of en wanneer dat is ingegaan, konden we bij onze laatste controle op 12 oktober 2026 niet vaststellen. Daarom noemen we hier geen uitgave als wettelijk aangewezen.
Voor wie nu iets laat aanleggen of wijzigen, is de praktische lijn wel duidelijk: het werk gebeurt volgens de actuele uitgave. Volgens NEN voldoet werken volgens NEN 1010:2020+C1:2024 aan de eisen uit de Omgevingswet.
NEN 1010 in een bedrijfspand
Voor een kantoor, winkel of bedrijfshal geldt dezelfde norm als voor een woning. De installatie is meestal wel groter: meer verdelers, zwaardere aansluitingen, machines, hallenverlichting en soms laadpunten op het terrein. Het ontwerp vraagt daardoor meer rekenwerk en afstemming vooraf, bijvoorbeeld met de architect en de aannemer.
In een bedrijf spelen twee normen een rol, elk op een eigen moment. Bij aanleg, uitbreiding en wijziging is dat NEN 1010:2020+C1:2024. Zodra de installatie in gebruik is, gaat het om veilig beheren en laten inspecteren. Daarvoor is NEN 3140:2011+A3:2019 de gangbare norm; aan een herziene uitgave wordt gewerkt (stand 12 oktober 2026). Hoe dat in de praktijk gaat, leest u in het artikel over NEN 3140.
Een nieuwe uitgave van NEN 1010 betekent voor een bestaand bedrijfspand dus niet dat de hele installatie opnieuw moet. Wordt er iets gewijzigd of uitgebreid, dan geldt NEN 1010 weer voor dat deel en voor wat erdoor wordt geraakt.
Laadpunten bij een nieuwe parkeervoorziening
Ook voor laadpunten verwijzen de bouwregels naar NEN 1010. Volgens het IPLO moeten oplaadpunten bij een nieuwe parkeerfunctie, zoals een nieuwe parkeergarage, volgens NEN 1010 van het type mode 3 of mode 4 zijn. Mode 3 is laden met wisselstroom via een laadpaal of wandlader met eigen besturing. Mode 4 is laden met gelijkstroom, zoals bij een snellader.
Veelgemaakte misverstanden
- “NEN 1010 is een keuring.”
- Nee. NEN 1010 is een norm voor ontwerp en aanleg. De controle die de installateur na aanleg doet, hoort bij dat werk. Een periodieke inspectie van een installatie in gebruik is iets anders: in een bedrijf is NEN 3140 daarvoor de gangbare norm.
- “Volgens NEN 1010 aangelegd is hetzelfde als een certificaat.”
- Nee. Een norm beschrijft hoe u iets veilig doet. Dat een installateur volgens NEN 1010 werkt, zegt iets over de manier van werken. Het is geen certificaat en geen goedkeuringsstempel. Vraag bij de oplevering welke gegevens u krijgt, zoals een groepenoverzicht en de uitkomst van de controle na aanleg.
- “De norm staat gewoon online.”
- NEN 1010 is een betaald document van NEN. Wat u online vindt, zijn vaak samenvattingen, forumberichten of delen van oudere uitgaven. Die kunnen afwijken van de actuele uitgave.
Wanneer schakelt u een vakman in?
Schakel een installateur in als een van deze situaties voor u geldt.
- U gaat verbouwen en er komen leidingen, groepen of aansluitpunten bij.
- Er komt een zware verbruiker bij, zoals een inductiekookplaat, een warmtepomp, een laadpaal of een thuisbatterij.
- Uw groepenkast zit vol, of u weet niet of alle groepen achter een aardlekbeveiliging zitten.
- U koopt een woning of pand en wilt weten in welke staat de installatie is.
- Een bedrijfspand krijgt een ander gebruik, bijvoorbeeld van opslag naar werkplaats.
Een installateur begint met wat er al is: hoe de installatie is opgebouwd, wat er bij moet komen en wat erdoor wordt geraakt. Eplus werkt in Heerhugowaard en omgeving. Lees meer over aanleg en aanpassing van een elektrische installatie of, voor kantoren en bedrijfshallen, over elektrotechniek in bedrijfspanden.
Hoe de groepenkast zelf werkt, leest u in de uitleg over de groepenkast. Meer artikelen over inspectie en elektrische veiligheid vindt u in de Kennisbank Veiligheid.
Veelgestelde vragen
Moet mijn bestaande installatie aan de nieuwste NEN 1010 voldoen?
Niet vanzelf. Een nieuwe uitgave van NEN 1010 werkt niet terug op een installatie die u niet aanpast. Laat u iets uitbreiden of wijzigen, dan wordt dat deel aangelegd volgens NEN 1010:2020+C1:2024, samen met de delen van de bestaande installatie die erdoor worden geraakt. In een bedrijfspand wordt de installatie in gebruik beoordeeld via NEN 3140.
Is NEN 1010 een wet?
Nee, het is een norm van NEN. Het Besluit bouwwerken leefomgeving verwijst voor elektrische installaties wel naar NEN 1010. Daardoor hebben de veiligheidseisen uit de norm wettelijke betekenis. Welke uitgave de regelgeving daarbij aanwijst, staat in de Omgevingsregeling. Of een voorstel om daarin naar NEN 1010:2020+C1:2024 te verwijzen is ingegaan, konden we bij onze laatste controle op 12 oktober 2026 niet vaststellen.
Waar kan ik NEN 1010 inzien?
NEN 1010 is een betaald document; u schaft het aan via NEN. Naast de norm bestaat de praktijkrichtlijn NPR 5310:2024, met uitleg voor de vakman. Voor de meeste eigenaren is het lezen van de norm niet nodig: de installateur ontwerpt en legt aan volgens de norm. Vraag gerust waarom voor een bepaalde oplossing is gekozen.
Hoeveel groepen mogen er volgens NEN 1010 achter één aardlekschakelaar?
Daar noemen we bewust geen vast getal. Online ziet u verschillende aantallen, en die zijn niet altijd op dezelfde uitgave van de norm gebaseerd. Hoe de groepen over de aardlekbeveiliging worden verdeeld, hangt af van wat er op de groepen is aangesloten en van hoeveel er bij een storing tegelijk uitvalt. Een installateur bepaalt dat bij het ontwerp.
Wat is het verschil tussen NEN 1010 en NEN 3140?
NEN 1010 gaat over het ontwerp en de aanleg van een installatie, en over uitbreidingen en wijzigingen. NEN 3140 gaat over de periode daarna: hoe een bedrijf zijn installatie in gebruik veilig beheert en laat inspecteren. De actuele uitgaven zijn NEN 1010:2020+C1:2024 en NEN 3140:2011+A3:2019 (stand 12 oktober 2026). Een aparte vergelijking van beide normen staat in de Kennisbank.
Wat betekent C1:2024 achter NEN 1010:2020?
C1 is een correctieblad uit 2024. In de uitgave NEN 1010:2020+C1:2024 is die correctie in de tekst verwerkt. Volgens NEN gaat het onder meer om brandveiligheidseisen die beter aansluiten op het Bbl, om roze als kleur voor functionele aardgeleiders en om aderkleuren voor installaties op gelijkstroom.
Mag ik zelf aan mijn installatie werken als ik me aan de norm houd?
Wij raden het af. Techniek Nederland adviseert om niet zelf aan de elektrische installatie te klussen. De norm is geschreven voor vakmensen en gaat uit van vakkennis, meetapparatuur en een controle na aanleg. Een fout is van buiten vaak niet te zien en kan later tot een schok of brand leiden.
Hulp van Eplus
Bronnen
- NEN 1010:2020+C1:2024, status van de norm, NEN, NEN 1010:2020+C1:2024. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
- NEN 1010:2020+C1:2024 Elektrische installaties voor laagspanning is gepubliceerd, NEN, NEN 1010:2020+C1:2024. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
- NEN 1010 Laagspanningsinstallaties (themapagina), NEN, NEN 1010:2020+C1:2024. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
- Wijziging Omgevingsregeling NEN-normen 2025 (conceptregeling, internetconsultatie), Ministerie van VRO (internetconsultatie), conceptregeling. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
- Installaties voor gas en elektra bij nieuwbouw (rijksregels), IPLO (Rijk), Bbl art. 4.199 en 3.106. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
- NEN 3140:2011+A3:2019, productpagina, NEN, NEN 3140:2011+A3:2019. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
- NEN 3140 laagspanningsinstallaties (themapagina werkvoorschriften), NEN. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
- Test aardlekschakelaar kan ongelukken voorkomen, Techniek Nederland. Geraadpleegd op . Bekijk de bron
